1. Home
  2.   MIRT 2010
  3.   Ontwikkelingen MIRT
  4.   Instrumenten MIRT
  5. 1.3 Instrumenten MIRT

1.3 Instrumenten MIRT

Het MIRT kent op dit moment drie instrumenten die tezamen waarborgen dat de doelstellingen van het MIRT gerealiseerd worden. Dit zijn de bestuurlijke overleggen tussen rijk en regio in het voor- en najaar, het MIRT Spelregelkader en het MIRT Projectenboek, dat nu voor u ligt. In het najaar van 2009 worden hier de gebiedsagenda’s aan toegevoegd, die daarop een natuurlijke aanvulling zijn.

Bestuurlijke overleggen MIRT

Twee keer per jaar zitten de ministers van VenW en VROM en de staatssecretaris van VenW om tafel met regionale partijen. Afhankelijk van de agenda schuiven ook de ministers van EZ, van LNV en voor WWI aan. Tijdens deze overleggen worden algemene onderwerpen in het ruimtelijk fysieke domein besproken. 

In het najaarsoverleg ligt het accent op de bespreking van het lopende rijksinvesteringsprogramma. Aan de hand hiervan worden nadere (financiële) afspraken gemaakt en, waar nodig, bestuurlijke knopen doorgehakt. Tijdens het voorjaarsoverleg gaat het vooral om het bespreken van de voortgang van de eerder gemaakte afspraken en het agenderen van onderwerpen voor het najaarsoverleg. Om besluitvorming over infrastructuur en ruimtelijke ontwikkelingen zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen, zitten niet alleen regionale bestuurders met verkeer en vervoer in hun portefeuille aan tafel, maar ook bestuurders met andere ruimtelijke portefeuilles.

MIRT Spelregelkader

In december 2008 hebben de ministers van VenW en VROM het MIRT Spelregelkader aan de Tweede Kamer aangeboden. Het spelregelkader is van toepassing op de projecten en programma’s van VenW en VROM en geldt tijdens de gebiedsgerichte verkenning ook voor de domeinen van de ministeries van LNV en EZ. Het spelregelkader dient om de besluitvorming te verhelderen en te versnellen. Het bevat een beschrijving van de belangrijkste processtappen die projecten en programma’s in het ruimtelijk fysieke domein moeten doorlopen om in aanmerking te kunnen komen voor een rijksbijdrage. Hiermee is de procesgang bij het rijk voor een ieder navolgbaar. 

Het MIRT Spelregelkader is in lijn met het advies ‘Sneller en Beter’ van de Commissie Versnelling Besluitvorming Infrastructuur. De adviezen van de commissie sluiten naadloos aan bij de doelstellingen van het MIRT om de samenwerking tussen rijkspartijen onderling en tussen het rijk en de decentrale overheden verder te verbeteren en de besluitvorming over (rijks)infrastructuur en ruimtelijke ontwikkelingen beter op elkaar af te stemmen. Doel is sneller door beter te gaan werken met meer kwaliteit. Dit wordt gerealiseerd door na een startbeslissing te werken met een brede verkenningsfase waarin bewoners, decentrale overheden, milieuorganisaties en marktpartijen eerder en ruimer dan voorheen betrokken zijn en waarin sprake is van een gebiedsgerichte benadering en heldere tijdafspraken. De verkenning wordt afgerond met een bestuurlijk gedragen voorkeursbeslissing, waarbij zicht is op financiële dekking.

MIRT Projectenboek

Jaarlijks presenteert het kabinet op Prinsjesdaghet rijksinvesteringsprogramma voor het ruimtelijk fysieke domein in het MIRT Projectenboek. Het MIRT Projectenboek is een bijstuk bij de begroting van het Infrastructuurfonds. 

Hiermee wordt sinds 2007 in één document een overzicht gegeven van alle ruimtelijke rijksprojecten- en programma’s van de ministeries van VROM, VenW, EZ en LNV. De grondslag daarvoor staat in de hoofdstukken 2 en 3 in de vorm van een samenvatting van de grote nota’s van de betrokken departementen (Nota Ruimte, Nota Mobiliteit, Pieken in de Delta, Agenda Vitaal Platteland) en een uitvoerige beschrijving van de regio’s. 

Binnen de MIRT-systematiek zijn de bestuurlijke overleggen, het spelregelkader en het projectenboek onlosmakelijk met elkaar verbonden. De gebiedsagenda’s (zie tekstbox) complementeren dit geheel: 

  • De nog op te stellen gebiedsagenda’s per gebied/landsdeel zullen een belangrijke rol spelen bij het bestuurlijk overleg. 
  • De gebiedsagenda’s vormen de basis waaruit geput wordt voor mogelijke nieuwe gebiedsgerichte MIRT verkenningen voor zover overeengekomen in het bestuurlijk overleg. 
  • Voor opname van nieuwe verkenningen of doorstroom naar de volgende fase in het MIRT Projectenboek wordt het MIRT Spelregelkader toegepast. 
  • De in het MIRT Projectenboek opgenomen investeringen worden afgestemd door middel van de periodieke bestuurlijke overleggen MIRT. 
  • Het MIRT Spelregelkader stimuleert en organiseert de intensievere samenwerking tussen rijk en regio, zoals die uiterlijk vorm krijgt tijdens de bestuurlijke overleggen en zorgt voor het beter afstemmen van rijksinvesteringen en regionale investeringen in het MIRT Projectenboek.       
Zeedijk

Tekstbox 1

Gebiedsagenda's

Een grote stap voorwaarts om de MIRT-gedachte gestalte te kunnen geven, zijn de gebiedsagenda’s. Deze agenda’s worden per regio door rijk en regio gezamenlijk opgesteld en vormen de inhoudelijke onderbouwing voor mogelijke nieuwe programma’s en projecten. Ze bevorderen de samenhang tussen beleidsterreinen en tussen rijks- en regionaal beleid. 

Het nieuwe aan de gebiedsagenda’s is dat inzichtelijk wordt gemaakt waarom projecten worden uitgevoerd en hoe ze bijdragen aan de integrale ontwikkeling van een gebied. Daar komt bij dat rijk en regio dit beeld delen. De agenda’s bestaan uit twee delen. 

In het eerste deel wordt het gebied gekarakteriseerd en worden de belangrijkste ontwikkelingen weergegeven. Mede op basis daarvan worden de ambities voor de ruimtelijke ontwikkeling op de (middel)lange termijn geformuleerd en wordt vastgesteld wat de bijbehorende opgaven zijn. Daarbij worden ook de relevante lopende projecten betrokken. In het tweede deel worden de ruimtelijke opgaven geconcretiseerd en uitgewerkt in mogelijke oplossingsrichtingen. Deze oplossingsrichtingen vormen de kweekvijver van mogelijke programma’s en projecten, die kunnen leiden tot MIRT verkenningen. 

De gebiedsagenda’s vormen steeds meer de basis voor de bestuurlijke overleggen. Daar wordt besproken of programma’s/projecten rijp zijn voor het voorbereiden van een verkenning. Bij een positieve startbeslissing wordt de (gebieds)opgave als verkenning opgenomen in hoofdstuk 4 van het MIRT Projectenboek. 

De ambities en opgaven uit de gebiedsagenda’s reiken tot circa 2030, waarbij de korte termijn concreter is uitgewerkt dan de lange termijn. De gebiedsagenda’s worden tijdens de bestuurlijke overleggen in het najaar van 2009 vastgesteld en zullen de basis gaan vormen voor hoofdstuk 3 van het volgende MIRT Projectenboek.

MIRT Projectenboek 2010

Hoofdmenu

Servicemenu